Toespraak Holocaustherdenking 2026

Station Gouda, 25 januari

Vrolijke, harde vrijheid

Weet u het geheim van poppen?

Kinderen spelen er zo graag mee.
Elke kleuterklas kent wel een poppenhoek.
Ook in de populaire Legowinkel aan de Goudse Lange Tiendeweg zie je overal plastic poppetjes.
Geel, hard en toch vertrouwd.

In ons museum lag vorig jaar ook een pop.
Met ons gezin bezocht ik in het museum een onvergetelijke tentoonstelling.
Net als andere stadsgenoten. Sommigen gingen meerdere keren.

Edith Beek stond centraal.
Het was hartverscheurend.

De pop van Edith is er nog.
Onze jongste Rosanne zou ze zo neerleggen in haar babybuggy.
De pop is er nog.
Edith Roseij Beek echter, is fabrieksmatig vermoord.

9 jaar jong.
Auschwitz.
1943.
Edith had hier vandaag bij kunnen zijn.

Een lieve meid, denk ik.
Donkerbruine ogen, blond haar. Dochter van huisarts Arnold Beek. Ze woonde zo ongeveer tegenover de huidige Legowinkel. Huppelend ging ze in de jaren dertig naar school. Zoals zoveel binnenstadkinderen vandaag nog doen.

Omdat ze Joods was, werd zij uitgeroeid.
Net als Anne Frank.
Net als Ellen Maryke Rosenthal.
Een baby van 7 maanden. Op 4 januari 1942 geboren aan de Jan Luykenstraat 14 in Gouda. Datzelfde jaar nog, op 5 november, vergast in Auschwitz. Samen met haar vader en moeder van 40 en 35 jaar jong.

In totaal 389 Joodse Gouwenaars.

Tehee Nishmata Tseroera Bitsror Hachajiem
Moge hun zielen gebundeld zijn in de bundel van het eeuwige leven.

Het doden van Edith, Anne en Edith en miljoenen anderen was planmatig en voorbereid.
Himmler sprak over ‘die ausrottung des Jüdischen Volkes.’
Antisemitisme is misschien wel de de oudste vorm van racisme.

Alleen al vanuit Gouda zijn er in de WOII naar nu bekend 44 kinderen gedood.
Dat zijn 2 schoolklassen in nog geen 5 jaar.
Hun verhalen moeten worden verteld en doorgegeven.

Daarom zijn er zoveel struikelstenen geplaatst in Gouda.
Op deze plek wil ik ook onze ereburger Soesja Citroen noemen.
De aanjager om alle vermoorde stadsgenoten te herdenken in steen en in taal.
Soesja; binnenkort komt je nieuwe boek uit. Over 131 voormalige Joodse bewoners schreef een je tweede ‘Hier Woonden’, volgende maand verkrijgbaar bij de boekhandel.
De Talmoed zegt dat een mens pas vergeten is als zijn naam niet meer genoemd is.
Bij deze vraag ik u om een gedragen applaus voor jouw monnikenwerk.

De pop van Edith spreekt tot de verbeelding. Terecht.
Wat mij raakte tijdens de tentoonstelling was dat het systematisch zoeken en doden van de Joden gebeurde met medewerking en medeweten van medewerkers van de gemeente Gouda.

Het ging subtiel.
Vanaf 1941 mochten Edith en haar broer Johan niet meer naar het Van Bergen IJzendoornpark of naar het zwembad (het Spaardersbad). Ook de bioscoop Thalia was voor ‘Joden verboden.’
Deze borden werden door de gemeentepolitie besteld en betaald.
De bon ligt in ons archief. Ook die voor het bestellen van nog meer haatborden.
Er hingen er al 98, maar er waren er volgens de hoofdagent ‘33 extra nodig.’

Edith zat op de Casimirschool.
Na de zomer van 1941 stuurde de Nederlandse directeur een briefje aan het gezag om door te geven welke Joodse kinderen per 1 september van school werden gestuurd.
In ons Stadhuis op de Markt maakte de gemeentesecretarie ondertussen stipte lijsten voor de Duitse bezetter. Joodse inwoners werden voorzien van een J achter hun naam.

Dit is ook een les voor nu. Het kan zijn dat politici en bestuurders hun ondergeschikten vragen onrechtvaardige dingen te doen. Dat hoeft niet. Er is altijd een alternatief. ‘Nee’ is altijd een optie. Ons denken is vrij. De grote filosoof Kant benadrukte dat ambtenaren ook vrijheid van geweten en meningsuiting hadden. ‘Omdat hun rede hen daartoe dwingt.’

De ouders van Edith voelden wel aan dat het te gevaarlijk werd.
Ze splitsten hun jonge gezin over meerdere adressen.
Edith dook onder bij een Remonstrantse dominee in Zwammerdam (bij Bodegraven).
Regelmatig stuurde ze vanuit de pastorie een lief briefje naar haar ouders. In een sierlijk handschrift, zoals een meisje in groep 5 dat kan.

‘Liever vader en moeder, Hoe gaat het met u? Met mij gaat het goed. Juf is de laatste tijd tevreden over mijn werk…. De poes heeft een vogel gevangen. Vader en moeder, heel veel zoenen.’ Laatste zinnetje: ‘Ik weeg 50 pond.’

Op 22 april 1943, de dag na haar verjaardag, werd ze verraden door politieagent Kool. De befaamde dinsdagtrein brengt haar in november 1943 naar Polen.
Het was een lange rit. 3 dagen opeengepakt in een veewagon. Bij aankomst is het meisje direct naar de gaskamers gestuurd. Al lopend werden de slachtoffers vaak begeleid door 1 van de 6 kamporkesten. Ritmische, gezellige muziek zodat ze zonder argwaan verstikten.

Edith werd op die manier omgebracht in 1943.
Edith kreeg een expositie in 2025.
Uitgerekend in het museum waar ze vanaf 1941 niet meer mocht komen.
Over haar leven verscheen een kinderboek.
We noemen haar naam daarom met ere.
7 jaar naar haar dood kregen haar ouders het officiële bericht vanuit het ministerie van Justitie dat hun dochtertje was overleden.
Haar broer Johan had tot aan zijn dood in 2011 een foto van Edith in een rood lijstje staan op de kast.

Naar goed Joods gebruik lees ik nu psalm 91.
Een belangrijk ritueel bij een rouwplechtigheid.
Een gedeelte slechts:

Wie in de beschutting van de Allerhoogste woont
en overnacht in de schaduw van de Ontzagwekkende,
zegt tegen de HEER: ‘Mijn toevlucht, mijn vesting,
mijn God, op U vertrouw ik.’