Gouds koor: “Je hoort erbij”
Elke week komt ze naar het koor in Gouda. Zingen doet ze al jaren. De liedjes, de stemmen om haar heen en de gezelligheid van de groep: het is een plek waar ze zich thuis voelt. Toen ze de diagnose dementie kreeg, stond ze voor een moeilijke keuze. Zou ze nog wel mee kunnen doen? Zou ze de liedjes kunnen blijven volgen? En wat zouden de anderen ervan vinden?
Samen met een vriendin vertelde ze het aan het koor. De reactie was hartverwarmend. De koorleden waren begripvol en vonden het knap dat ze haar verhaal durfde te delen. Voor hen was 1 ding duidelijk: natuurlijk bleef ze welkom.
Sindsdien zijn er eigenlijk maar een paar kleine aanpassingen nodig. Als het koor bijeenkomt, vraagt de dirigent net iets vaker hoe het met haar gaat. Niet omdat het moet, maar omdat een beetje extra aandacht laat zien dat ze gezien wordt. Dat ze ertoe doet. Ze fietst samen met een vriendin naar het koor, zodat ze niet alleen hoeft te komen. Ook de andere koorleden zijn vertrouwde gezichten voor haar.
De nieuwere liedjes kosten wat meer tijd om aan te leren. Maar het draait niet om perfect zingen. Het draait om mee kunnen doen. Om erbij zijn. Om onderdeel te blijven van een groep die ze kent en waar je je welkom voelt. Mensen met dementie kunnen vaak nog veel meer dan we denken. Zeker wanneer de omgeving een beetje meebeweegt. Een vriendelijke vraag. Een vertrouwd gezicht. Een groep die accepteert dat niet alles meer vanzelf gaat.
Voor iemand met dementie kan dat het verschil maken tussen afhaken en blijven meedoen.
Bij dit koor in Gouda hebben ze dat goed begrepen. Hier hoeft niemand zich te bewijzen en kan iedereen zichzelf zijn.
